Start Omhoog Inhoud

                    Uit-Magazine
Biotheek.be Uit-Magazine Belang Van Limburg

 

 

2)Uit-Magazine (VAB)

Kerstmis is een droevige tijd voor kalkoenen. Met duizenden gaan ze voor de bijl, in hun voorbestemde tocht naar de kerstmaaltijd. Ze hebben er dan meestal een kort maar vraatzuchtig leven opzitten. In drie maanden tijd worden ze met meel en granen vetgemest voor het ultieme doel. Biokalkoenen zijn hetzelfde lot beschoren, maar ze hebben dat voordeel dat ze langer mogen leven, lekker in de vrije natuur mogen rond hossen en er hun eten mogen pikken.

Victor Henry stamt uit een familie van fruitkwekers en startte twee jaar geleden met de kweek van biologisch gevogelte. “De prijzen die ik kreeg voor m’n fruit daalden met het jaar. Ik was op zoek naar een alternatief. Het kweken van gevogelte vond ik interessant, maar ik had niet voldoende grond om intensief te kweken. Daarom is biologisch gevogelte interessant. Je kan het in kleine aantallen kweken, de oppervlakte hoeft niet groot te zijn, en het vlees heeft een gunstige verkoopswaarde”.

Victor kweekt kippen, parelhoenen, eenden en kalkoenen. Allemaal volgens de biologische principes. De eerste kalkoenen die hij aankocht waren van het Ronquière ras, een bontgekleurde kalkoen, die hij kruiste met zwarte Amerikaanse kalkoenen, afstammelingen van de oerkalkoen. “Dat levert een kalkoen met stevig en smakelijk vlees, en met een gemiddeld gewicht van 6 tot 7 kg. De voor de intensieve teelt bestemde Belgische kalkoenen kan ik niet gebruiken. Ze zijn zeer gevoelig voor ziektes en worden snel vet. In de bioteelt moeten we kalkoenen minstens 140 dagen houden. Tegen die tijd zijn de Belgische kalkoenen door hun gewicht al door hun poten gezakt. Ze zijn geconditioneerd om te eten en blijven constant aan de eetbak staan. Ze slokken met volle bek en slikken het voedsel gewoon door. De Ronquières en de Amerikaanse kalkoenen pikken hun voedsel er uit en eten tot ze voldoende hebben. Tijdens de dag verhuizen we ze naar de wei waar ze gras eten.”

 

 

Zigeunerplekje

De kalkoenen leven tussen de boomgaarden. Hun dagverblijf bestaat uit een afgedankte caravan en twee ‘woonwagens’ die hen tegen regen en wind beschutten. Een echt zigeunerplekje. Ik zie al een vedelende kalkoen voor me en dansende hennen, maar verwijs dat stukje fantasie naar de film ‘Chicken Run’. “Kalkoenen zijn ziektegevoelig,” zegt Victor. “Ze kunnen een regenvlaag verdragen, maar niet de ganse dag in de regen blijven. Van alle dieren die we hebben, moeten we kalkoenen het meest in het oog houden. ’s Ochtends en ’s avonds controleren we de dieren. Laten ze hun pluimen hangen en krommen ze hun nek, dan weten we dat ze ziek worden. ’s Avonds drijven we ze naar een verlichte stal, en ’s morgens, als de dauw van het gras is, mogen ze weer buiten. Op die manier kunnen we ze perfect controleren. Als er eentje achter blijft, dan weten we dat er iets mis is met het dier.”

 

Kurjeuzeneuzen

De zon kiemt net door de wolken. De bonte verenpracht van de Ronquières wordt opgelicht door het zonlicht. Bruine, rode en paarse tinten fonkelen. We stappen de weide in en krijgen meteen het gezelschap van een stel klokkende beesten. Ze zijn erg nieuwsgierig en duwen tegen je aan. “Als ze nog niets gegeten hebben moet je opletten”, zegt Victor. “Ze pikken dan aan je kleren. Vooral die zware kalkoenen hebben veel kracht en kunnen je zo omver lopen.” We verlaten de weide en lopen langs de omheining naar een andere weide. De kalkoenen volgen ons en stoppen als ook wij stoppen, en lopen verder als we onze weg verder zetten. “Kurjeuzeneuzen”, grapt Victor.

 

Biogarantie

Biokalkoenen moeten minstens 140 dagen oud zijn vooraleer ze geslacht worden. Dat heeft te maken met de strenge regels van Blik, het controleorgaan dat het Biogarantielabel uitreikt.  “Minstens twee keer per jaar krijg ik onaangekondigde bezoeken van Blik. Ze controleren dan onder meer de aankoop- en verkoopfacturen, het voedsel dat ik de dieren geef en de leefomstandigheden van de dieren.”

De biokalkoenen worden gevoed met ‘biologische kalkoenkorrels’ die zijn samengesteld uit ruw eiwit, vetten en celstoffen, graan en bijproducten van oliezaad, peulvruchten, knollen en wortelen. Pas de laatste maand voor de slacht krijgen ze een mengsel van biologische tarwe, gerst en mais te eten. Als de dieren zo’n 140 dagen oud zijn gaan ze naar de slachterij. Ze wegen dan tussen de 4 en de 7 kg. Omdat er ook vraag is naar zwaardere kalkoenen hebben we dit jaar Franse kalkoenen aangekocht. Ze kunnen tot 14 kg wegen. Volgend jaar willen we ze kruisen met onze Ronquières. Zo krijg je kalkoenen die een grote familie van een uitgebreid kerstmaal voorzien.”

 

Stijlvol tuinrestaurant

Restaurant Figaro is een culinair instituut in de Hasseltse regio. Dertig jaar geleden startte Jacques Colemont met de zaak en werkte zich langzaam in de kijker met vindingrijke en smaakvolle gerechten met seizoengebonden ingredienten. De opvolging is verzekerd, want sinds geruime tijd assisteert zoon Luc hem aan het fornuis. Hun stijlvolle tuinrestaurant beschikt over een luchtige patio en een stemmige wintersuite en een zaaltje voor privéfeesten en banketten. Rond het huis is een verzorgde Engelse tuin met vijver en fontein en een kruidentuin met  meer dan 100 varieteiten.

Jacques en Luc zijn tuk op de biokalkoenen van Gallinero. Jacques Colemont: “Deze biologische gekweekte kalkoenen smaken zachter en verfijnder dan de doorsnee kalkoen. Het vlees is stevig, hoeft minder lang te bakken dan de ‘batterijkalkoen’ en blijft sappiger. De bil vind ik het lekkerste en levert mooi gespierd vlees dat stevig van structuur is”. Voor het recept combineert hij een jonge kalkoen van zo’n 4kg met suikerbrood of groenlof, een plant die familie is van witloof en andijvie en in tegenstelling tot de naam wat bitterig smaakt.

 

 

Recept

 

Ulbeekse biokalkoen

 

Voor 8 personen:

1 jonge kalkoen van ongeveer 4 kg

3 stuks suikerbrood

2 dl room

peper

zout

nootmuskaat

3 dl porto

2dl cognac

3 dl kalfsfond

 

Laat de kalkoen ontbenen door de poelier en recupereer de karkas.

Verwarm de oven voor op 185°C.

Hak de beenderen van de karkas grof en kleur ze mooi bruin in een klontje hoeveboter. Flambeer met cognac en blus met de portwijn.

Reduceer tot 1/3 en voeg de kalfsfond toe. Breng op smaak met peper en zout. Passeer de saus door een fijne puntzeef en meng er een klontje boter onder.

Bak ondertussen de kalkoenfilet en de boutjes mooi bruin en laat ze verder garen gedurende een 15-tal minuten in de voorverwarmde oven.

Kuis het suikerbrood en spoel het overvloedig.

Versnijd de groente grof en laat uitzweten in wat gesmolten boter en breng op smaak met peper, zout en een weinig nootmuskaat. Overgiet het gesmolten suikerbrood met de room en laat nog even inkoken.

Serveer deze heerlijke groente met de sappige kalkoen besprenkeld met de portsaus. Parfumeer eventueel met een paar plakjes wintertruffel.

 

 

Uit in Ulbeek

Ulbeek maakt samen met de deelkernen Berlingen en Herten deel uit van de fusiegemeente Wellen. Het is de enige autonome gemeente in Zuid-Limburg die volledig gelegen is binnen de driehoek, gevormd door de rijkswegen die Hasselt, Tongeren en St. Truiden onderling verbinden. De streek ligt in de overgangsgebied van Laag naar Midden Belgi¨¨e, van Vochtig naar Droog Haspengouw. De licht heuvelige streek is ideaal voor fiets- en wandeltochten. Het wandelroutenetwerk van Wellen bestaat uit tien verschillende  wandelroutes van 3 tot 8 km langs de mooiste straatjes, steegjes en veldwegen van Wellen. Er zijn twee vertrekpunten voorzien: het dorpsplein van Ulbeek en de neogotische kapel op het dorpsplein van Wellen.

In Wellen en deelgemeenten valt heel wat te ontdekken. De streek is van oudsher zeer agrarisch en rijk aan monumentale kwadraathoeven, vooral in Ulbeek en Berlingen. Daar vind je onder meer de Borg en de Boswinning, de Trockaertwinning en de Canadawinning. In het agrarisch minder vruchtbare noordelijke deel van Wellen staan nog tientallen gevels,  daglonershuisjes, stallen en schuren in schilderachtig vakwerk. De lemen vullingen tussen het houtwerk zijn doorgaans witgeschilderd. De meest monumentale kerk van de deelgemeenten is de Sint Jan de Doper kerk in Wellen. Ze bestaat uit Romaanse en neogotische onderdelen met een Romaans portaal en een doksaal uit de late renaissance.

Het enige kasteel van de gemeente staat in Ulbeek: het kasteel Trockaert aan de Spaasbeek.

Info: Dienst Toerisme Wellen, Dorpsstraat 25 Wellen
Tel. 012/670.710. E-mail : toerisme@wellen

 

 

Tekst : Marc Declercq

Foto’s : Kris Vlegels

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met:

Gallinero
Kleinaartstraat 32, 3832 Ulbeek
Tel:  0497/ 43 08 96
Fax: 016/471770
Internet:  info@gallinero.be

 

U kunt een e-mailbericht met vragen of opmerkingen over deze website verzenden aan info@gallinero.be.
Copyright © 2003 Gallinero
Laatst bijgewerkt: 26 juni 2005